Samenvatting


Nadenken over de rol van de publieke ruimte in relatie tot gezondheid is niet nieuw. Tot begin vorige eeuw stond daarbij vooral het belang van de volksgezondheid centraal, zoals het voorkomen van besmettelijke ziekten. De nieuwe uitdaging is om in de publieke ruimte rekening te houden met de vergrijzing.

Het aantal ouderen zal de komende jaren sterk oplopen. Dit heeft uiteenlopende gevolgen voor de publieke ruimte. Als gevolg van demografische ontwikkelingen zal het aantal ouderen in steden toenemen, terwijl de vergrijzing op het platteland versterkt wordt doordat jongere generaties er wegtrekken. In de steden kan dus concurrentie om de publieke ruimte met andere groepen ontstaan. Op het platteland zal de verschraling van de publieke ruimte verder doorzetten. Beide ontwikkelingen kunnen nadelig zijn voor de redzaamheid van ouderen.

Het is van belang te onderzoeken of en hoe de publieke ruimte aanknopingspunten biedt voor het versterken van de redzaamheid van ouderen. Hoe kan de inrichting van de publieke ruimte bijvoorbeeld de fysieke veiligheid op straat vergroten, de eventuele achteruitgang van mobiliteit uitstellen, en zodoende bijdragen aan het langer zelfstandig blijven wonen van ouderen? De Raad heeft deze vraag verkennend uitgewerkt met achtergrondstudies naar de wetenschappelijke inzichten in de relatie tussen publieke ruimte en redzaamheid, met werkbezoeken aan wijken in een aantal steden en met gesprekken met deskundigen van onder andere gemeenten, architectenbureaus en het College van Rijksadviseurs (CRa) voor de ruimtelijke inrichting.

Is het realistisch om te verwachten dat redzaamheid kan worden bevorderd door de inrichting van de publieke ruimte? Onderzoek van TNO en het Erasmus MC geeft duidelijke aanwijzingen dat de fysieke omgeving een rol speelt bij de redzaamheid van ouderen. De redzaamheid kan bijvoorbeeld vergroot worden door de bewandelbaarheid van buurten te verbeteren of door ontmoeting tussen mensen te stimuleren door functiemenging van openbare ruimten. Redzaamheid van ouderen heeft namelijk veel te maken met de mate waarin ouderen mobiel kunnen blijven, met voorzieningen dichtbij, en met de sociale binding in de wijk.

De publieke ruimte is een medebepalende factor in de redzaamheid van ouderen. De relatie is overigens meervoudig. Niet alleen de daadwerkelijke inrichting werkt positief op de redzaamheid. Ook het betrekken van (oudere) burgers bij de inrichting en bij het gebruik van de publieke ruimte kan de redzaamheid bevorderen. Burgers in staat stellen verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen buurt houdt hen actief en in beweging en levert sociale contacten en netwerken op. De maatschappelijke baten kunnen aanzienlijk zijn.

Gemeenten denken nu al na - maar zullen dat veel meer moeten gaan doen - over de effecten van de vergrijzing, want de inrichting van de publieke ruimte gaat met stenen en beton gepaard. Dat betekent dat het lang duurt voordat er iets staat, en als het er eenmaal staat, is het lastig te veranderen. Gemeenten moeten bij afwegingen omtrent ruimtelijke ordening de gezondheid en redzaamheid van de bevolking expliciet meenemen. Er is veel te winnen als ook de publieke ruimte kan worden ingezet bij het versterken van de redzaamheid van ouderen. Dit kunnen de gemeenten niet alleen doen, zij hebben maatschappelijke partners, bedrijven en burgers hard nodig. Het bij elkaar brengen van deze verschillende publieke en private partijen kan meerwaarde opleveren. Zij hebben allemaal een belang bij een leefbare en toegankelijke publieke ruimte.

De maatschappelijke ontwikkelingen zoals vergrijzing en de veranderingen in de langdurige zorg maken ook dat publieke ruimte, private ruimte en privésfeer steeds meer in elkaar gaan overlopen: het onderscheid is minder duidelijk dan voorheen. Juist in deze overloopgebieden - wij noemen dat de tussenruimten - ontstaan nieuwe inrichtingsvormen die de redzaamheid van ouderen bevorderen, bijvoorbeeld doordat die ruimten bijdragen aan de sociale contacten tussen ouderen en aan hun gevoel van veiligheid. Ook tijdelijke invulling van in onbruik geraakte gebouwen en terreinen en die voor meerdere functies geschikt maken, kunnen bijdragen aan meer flexibiliteit. Naast functioneel knooppunt, moet de publieke ruimte vooral ook een aangename ruimte zijn.

De Raad geeft de betrokken partijen graag een aantal agendapunten voor de toekomst mee. Om in het ontwikkelen en uitvoeren van beleid rekening mee te houden. Het zijn agendapunten omdat de concrete invulling ervan maatwerk is; toegesneden op de lokale situatie.

  1. Stel de publieke ruimte ook in dienst van de redzaamheid van ouderen.
  2. Maak van de publieke ruimte een aangename ontmoetingsplaats.
  3. Erken het potentieel van tussenruimten.

Om met deze agendapunten aan de slag te gaan zijn de volgende twee randvoorwaarden van belang:

  • Bied ruimte voor initiatieven en experimenten en leer ervan.
  • Maak meer partijen deelgenoot van de publieke ruimte.

Download samenvatting pdf.